Welke wereld willen we?

Rond Hotel ‘The Grand’ in Amsterdam lopen mensen in kostuum met kleine fruitbomen, vol in bloesem. Het blijken presentjes voor de twintigste verjaardag van ‘pymwymic’ . De bomen staan symbool voor impact investment. Ze zijn klaar om bestoven te worden en –mits goed verzorgd- kunnen we er over enige tijd de vruchten van plukken. Binnen zijn in de plenaire zaal zo’n 250 mensen uit de hele wereld bijeen voor de jaarlijkse Impact Days. Het zijn vertegenwoordigers van filantropische instellingen, family offices, investeerders, financiële instellingen en ondernemers met een ambitie om een positieve bijdrage te leveren aan de wereld. Zij wisselen kennis en inzichten uit en bespreken projecten die meer inhouden dan louter financieel rendement. Idealisten? Wellicht maar dan wel in de goede zin van het woord én gekoppeld aan een gezonde dosis realisme.

Pymwymic
Foto: Jacqueline Dersjant

Het is al weer 20 jaar geleden dat Frank van Beuningen het initiatief nam voor pymwymic. De vrijwel onuitspreekbare naam staat voor ‘Put Your Money Where Your Mouth Is Community’. Of het woord ‘mouth’ nou moet worden vervangen door ‘meaning’ of niet, pymwymic is een begrip in de wereld van impact investment. Inmiddels geeft Van Beuningen samen met zijn partner Margaret McGovern leiding aan een professionele organisatie met vooral veel jonge betrokken medewerkers. Afgelopen jaar werden zo’n 300 projecten voorgedragen waarvan er uiteindelijk 10 zijn gekwalificeerd als ‘approved for investment’. Dit jaar worden de Impact Days voor de vierde maal georganiseerd. Centraal thema van deze bijeenkomst: ‘Is Impact at the Tipping Point?’ , ofwel wordt het ‘mainstream’?

Korijn: Wat is jouw 'BIG WHY'?
De ochtendsessie begint met een aantal investeerders die hun verhaal vertellen over impact en hun persoonlijke drijfveren. Namens de ‘next generation’ staat een inspirerende Josephine Korijn op het podium. Zij is verbonden aan social finance service oranisatie Ashoka. Met haar 23 jaar presenteert zij zich als de nieuwe Simon Sinek als zij bij haar publiek appelleert aan ‘The Big Why’ van impact investments. ‘Finance is een instrument om iets te bereiken, niet meer of minder’, zo betoogt zij. ‘Wij willen met ons geld het verschil maken bij echte mensen, hen in een betere positie brengen. Dat is onze keuze.’ Bij social entrepreneurship loop je al snel tegen werkkapitaal vraagstukken aan. Standaard oplossingen passen zelden. Meestal is het maatwerk met verschillende componenten, blended investments zogezegd. Voortdurend zoeken we naar nieuwe modellen. ‘Impact investment is about getting your feet wet’, vervolgt ze. De markt is nog relatief ‘immature’ en het vraagt naast betrokkenheid vooral doorzettingsvermogen om iets te realiseren.

Perry Perry: 'More than you can chew'
James Perry typeert ondernemerschap als ‘bite off a little more than you can chew’. Er spreekt ambitie uit. Het duurde ruim 12 jaar voordat Cook, de onderneming die hij heeft opgezet met zijn broer, acceptabel werd voor investeerders. ‘Ondernemers hebben een heilig geloof dat ze iets kunnen realiseren en zijn bereid die extra stap te zetten, ook als het wat langer duurt. Die mentaliteit heb je zeker nodig als je naast financiële ook sociale doelen wilt bereiken’, aldus Perry. Met de familiestichting Panhapur houdt hij zich bezig met social investing. Zijn drijfveer: iedereen heeft capaciteiten. Alleen is het voor arme mensen vaak lastig om hun potentieel te ontwikkelen. ‘Juist daarvoor moeten we voorwaarden scheppen.’ Naar zijn mening zijn de verschillende stakeholders te veel georganiseerd in silo’s met een eigen agenda. Dat geldt voor liefdadigheid, investeerders zowel als de overheid. De uitdaging is ‘alignment’ van de betrokken partijen rondom een gemeenschappelijk sociaal doel. Uit zijn mond zijn dat geen loze woorden. Perry is betrokken bij tal initiatieven als hope funds, de Social Stock Exchange, social impact bonds en het Big Society Finance Fund.

Wasserman Wasserman: The courage to dare
Christopher Wasserman komt uit een gegoede Zwitserse familie. Zijn toekomst was zeker. Hij zou het comfortabele leven dat hij gewend was, voortzetten met het familiebedrijf. Tot er iets mis ging. Bij een inbraak werd hij ontvoerd en wist met veel geluk te ontsnappen. Hij noemt het zelf zijn ‘wake-up call’, het moment waarop hij zich is gaan realiseren dat er belangrijker dingen in het leven zijn. Het familiebedrijf Eutectic Castolin, één van de eerste bedrijven die duurzaamheidsprincipes toepaste, heeft hij uiteindelijk verkocht. Wasserman startte de TeroLab Surface Group vanuit een heilig geloof dat duurzame resultaten te behalen door nauw samen te werken met zijn stakeholders. ‘De mens moet centraal komen te staan', is zijn overtuiging. 'Het gaat om daarbij om voortuitgang en niet perse om groei, althans niet in de traditionele zin van het woord’, aldus Wasserman. In 2009 nam hij het initiatief voor de Zermatt Summit, een internationaal platform met als ambitie om de menselijkheid terug te brengen in het proces van globalisering. Geen filantropie maar concrete businessmodellen. Ook hij benadrukt de rol van ‘finance to serve the company’. Jaarlijks komen top-executives en opinieleiders bijeen in Zermatt om ideeën uit te wisselen en aanbevelingen te doen. Dit jaar is het uitdagende thema ‘The Courage to Dare’. Want impact investment is niet voor watjes.

Van Eeghen Van Eeghen: 'From giving to investing'
Henri van Eeghen is directeur van Cordaid. Zijn roots liggen onder meer bij werkgeversorganisatie VNO-NCW. Het wekt dan ook geen verwondering als hij benadrukt dat zijn voornaamste taak is om bruggen te slaan tussen het bedrijfsleven, ontwikkelingswerk en internationale samenwerking. Hij is er van overtuigd dat het traditionele systeem van donaties in veel gevallen disfunctioneel is. ‘The era of lineair thinking ends, we are in search for new cohesion’, aldus Van Eeghen. Hij beschrijft dat Cordaid een transitie maakt van ‘giving to investing’. Waarom? ‘Omdat de resultaten duurzamer zijn. We willen mensen in een betere positie brengen en niet afhankelijk maken van hulp. Empowerment zogezegd.’ Cordaid wordt daarmee een sociale onderneming met nieuwe vormen van aansturing en management, gebaseerd op gedelegeerd eigenaarschap, sociaal én financieel rendement, innovatie en creativiteit.

Kleiterp Kleiterp: 'Not scalable is a hobby'
Tijdens de paneldiscussie deelden Nanno Kleiterp van ontwikkelingsbank FMO, Jasper Snoek van de Stichting Doen en Wil Fitzpatrick, general council van het Omidyar Network hun inzichten over de schaalbaarheid van impact investments. Kleiterp is het meest duidelijk: ‘Hoe meer schaal, hoe meer impact je kunt maken op de aarde of om de levens van mensen te verbeteren.’ Hij geeft als voorbeeld de gesyndiceerde lening aan Prasac de grootste micro financieringsinstelling van Cambodja. ‘De impact is enorm omdat zo veel mensen kansen krijgen om zich te ontwikkelen’, aldus Kleiterp. Het verleidt hem tot de uitspraak: ‘not scalable is a hobby’ die in de zaal tot nogal wat ophef leidt. In de zaal vraagt Uli Grabenwarther om verduidelijking. ‘Hoe zit het bijvoorbeeld met de Fairphone? Dat is nooit bedoeld als harde concurrent voor de iPhone maar leidt wel tot bewustwording binnen de telecomsector.‘ Kleiterp nuanceert zijn stelling als hij verduidelijkt dat het gaat om de impact. ‘Als de aandacht voor de fairphone leidt tot aanpassingen in andere smartphones, is het schaaleffect ook bereikt, stelt hij.

De Stichting Doen die zich inzet voor een groene, sociale en creatieve samenleving. Snoek vindt de discussie over schaal lastig. Voor hem gaat het vooral om ‘alignment’. ‘Hoe kunnen we bedoelingen synchroniseren zodat financiële doelstellingen hand-in-hand gaan met sociale doelen?’

Het Omidyar Network is een netwerk dat is ontstaan dankzij de inspanningen van EBay oprichter Pierre Omidyar en zijn echtgenote. Fitzpatrick stelt vast dat niet eenvoudig is om voldoende projecten te vinden die schaalbaar zijn. ‘Het is steeds weer zoeken naar nieuwe businessmodellen die werken en die aantoonbaar resultaat opleveren’.

Kleiterp wordt nog aangesproken op de sustainability bonds die hij eind verleden jaar heeft geïntroduceerd. ‘Wij schrokken er zelf van toen de uitgifte ten bedrage van € 500 miljoen binnen een half uur ruim 2,5 keer overtekend was. Het illustreert hoezeer duurzaamheid leeft in de samenleving en dat geeft hoop voor de toekomst.’

Pymwymic2
Tipping point?
De vraag of impact investment ‘mainstream’ is geworden, kan (helaas) nog niet onverkort bevestigend worden beantwoord. De ontwikkelingen zijn weliswaar hoopgevend maar het is zeker nog geen gelopen race. Nog te veel fondsmanagers voelen de druk van (korte termijn) financiële resultaten. Per slot van rekening werken zij wel met toevertrouwde gelden en moeten zij een performance tonen... Toch is er een positieve ontwikkeling gaande omdat steeds meer mensen voelen dat de wereld complexer is dan louter financieel rendement. Adrian Groot de Ruiz van True Price concludeert terecht dat steeds genuanceerder wordt gekeken naar investeringen. ‘Waren 10 jaar geleden de winstcijfers nog bepalend voor de waarde van een onderneming, nu wordt ook gekenen naar (bedrijfseconomische) risico’s. Een logische volgende stap is dat ook externe milieu aspecten en sociale risico’s worden meegewogen.’ Niet alles is even objectief kwantitatief meetbaar maar alleen al het bewustzijn van kwalitateve aspecten en een gemeenschappelijke taal om deze te bespreken, maken het mogelijk om een verantwoord beleid te voeren.

De beurskoers is al lang geen graadmeter voor de waarde van een onderneming. Sentimenten en korte termijn denken over verwachte resultaten prevaleren daar boven ‘common sense’. Maar wat zal er een tractie ontstaan bij het 'alignen' van financiele doelstellingen met sociale en ecologische doestellingen. Als we er in slagen om ook andere variabelen mee te wegen in onze investeringsberslissingen, dan hebben we in ieder geval een inhoudelijke discussie over de wereld waarin we willen leven.

Copyright: Wim Assink
Publicatie: april 2014